Zorg

De zorgwerking

Zorg op school

Op onze school vinden we het belangrijk dat elk kind zich goed voelt en zich op zijn of haar eigen tempo kan ontwikkelen. Daarom hebben we aandacht voor de zorg en ondersteuning van ieder kind, zowel op sociaal-emotioneel vlak als op het gebied van leren en ontwikkelen.

We volgen de ontwikkeling van de kinderen dagelijks op door goed te observeren tijdens spel, activiteiten en het klasgebeuren. We kijken naar wat een kind al kan, welke interesses het heeft en waar het eventueel extra ondersteuning nodig heeft. Op basis daarvan passen we onze begeleiding en ons aanbod aan.

Als een kind extra zorg nodig heeft, proberen we dit in de eerste plaats binnen de klas op te vangen. De leerkracht biedt extra uitleg, herhaling, ondersteuning of aangepaste materialen en activiteiten aan. We houden daarbij rekening met de mogelijkheden, noden en tempo van het kind.

De zorg wordt stapsgewijs opgebouwd. Wanneer de ondersteuning binnen de klas onvoldoende blijkt, bekijken de klasleerkracht samen met de zorgcoach welke bijkomende begeleiding nodig is. We overleggen hierover regelmatig en volgen de evolutie van het kind op. Indien nodig werken we samen met externen (CLB, logo, leersteun, …) steeds met het welzijn en de ontwikkeling van het kind als uitgangspunt.

Een open en laagdrempelige communicatie met onze ouders vinden we heel belangrijk. Wanneer we bepaalde stappen ondernemen in de ondersteunende fase, gaan we hierover tijdig met de ouders in gesprek. Ook ouders kunnen steeds bij de leerkracht of het zorgteam terecht wanneer zij vragen, bezorgdheden of extra informatie hebben.

Ons zorgteam bestaat uit:

-een zorgcoach met aandacht voor zorgkleuters

  • voor elke leeftijd een aparte zorgcoach zowel klasintern als klasextern
  • observeren, een vertrouwensband creëren
  • extra activiteiten aangepast aan het niveau/ nood van bepaalde kleuters
  • begeleiden bij uitstappen
  • klasovername
  • werken in kleine groepen
  • aangepast materiaal maken
  • oudergesprekken mee begeleiden
  • coördinatie met externen

-een babbeljuf met aandacht voor de anderstaligen, kinderen met spreekangst of kinderen waarbij de taal moeilijker ontwikkelt.

  • werken in kleine groepen per leeftijd
  • extra activiteiten aangepast aan het niveau/ nood van bepaalde kleuters
  • preteaching
  • stimuleren van actief taalgebruik

-een bewegingsleerkracht met extra aandacht voor de ontwikkeling van grove naar fijne motoriek

  • wekelijks een halve klasgroep
  • bodymapsporen ter bevordering van de grove motoriek
  • Krullenbol-methode ter bevordering van de fijne motoriek

Samen zorgbreed werken

  • de ouders en de leerkrachten: merken signalen van hun kleuter het snelst op
  • de zorgcoach: begeleidt de klasleerkracht en de kleuters
  • de directie: bewaakt de algemene zorg op school
  • CLB-medewerker: ondersteunt en begeleidt ouders, leerkrachten en zorg coachen 

…zo helpen we allemaal samen onze kleuters groeien!

…zo ondersteunen we allemaal het groeiproces van alle kleuters!

Verticale doorstroming

Werken aan ZELFSTANDIGHEID BIJ KLEUTERS:

Hoe doen wij dat?

Door te werken aan:
ZELFREDZAAMHEID
Zijn de vaardigheden die nodig zijn om zelfstandig te kunnen instaan voor de persoonlijke verzorging: aan – en uitkleden, eten en drinken, zindelijkheid, neus snuiten, haar kammen, handen en gezicht wassen, tandenpoetsen, enz.

ZELFSTURING
Is het vermogen van de kinderen om zoveel mogelijk het verloop van hun leerproces in handen te kunnen nemen.
Ze geven hun handelingen leiding vanuit het “zelf”
Dit omvat:

  • De wil om zich in te zetten.
  • Een doel kiezen, kunnen bepalen wat hij/zij wil.
  • Een werkwijze, een handelingsschema kunnen oproepen of bedenken.

Concreet betekent dit:

Verwoorden wat je bij het kind opmerkt:

  • Een kind past bepaalde denkstappen soms spontaan toe. Als de leerkracht dat opmerkt, zal ze dat verwoorden.  Op die manier wordt de kleuter zich meer bewust van wat hij/zij doet.

Het kind zelf laten nadenken:

  • Een eindresultaat laten zien en vragen op welke manier dit gerealiseerd kan worden.
  • Als kinderen met een waaromvraag komen, de vraag terugstellen:
    • Vb: “Waarom denk jij dat ik dat doe?”

Technieken – en handelingen aanleren, inoefenen en verwerken:

  • Bij alle leeftijdsgroepen worden er technieken aangeleerd en ingeoefend, eigen aan hun leeftijd. We denken hierbij aan de volgende technieken: knippen, lijmen, pengreep, haken, ….

Het visualiseren:  

  • Het visualiseren van de plaats van het materiaal met foto’s, symbolen en pictogrammen
  • Het visualiseren van de speel- en werkhoeken.
  • Het visualiseren van de handelingen vb.:
    • Jassen aantrekken
    • Koeken eten
    • Toiletbezoek
  • Het visualiseren van verbod – en gebodstekens op de speelplaats.
    • Vb: De rode vlag geeft aan dat er niet in de zandbak mag gespeeld worden.