Zorg

De zorgwerking

Hoe wordt er zorg gegeven in onze school?

Uw kind zal in zijn kleutertijd groeien en zijn kunnen verder uitbouwen.
Hoe beter hij zich voelt, hoe groter de betrokkenheid van uw kind en hoe sterker hij kan werken aan zijn vaardigheden.

Er zal dus in de eerste plaats gewerkt worden aan het welbevinden en de betrokkenheid van uw kleuter.

De klasleerkracht geeft activiteiten op niveau van de kleuters. Deze zijn gebaseerd op interesse van de kleuter en na te streven ontwikkelingsdoelen per leeftijd. Tijdens de activiteiten en het spontane spel observeert de leerkracht de kleuters. De groei van elk kind wordt door de klasleerkracht in kaart gebracht. Dit wordt 3 keer per jaar gedaan om de evolutie van de kleuters zo goed mogelijk op te volgen, NIET om ze te testen.

Dit schooljaar is de extra zorg als volgt georganiseerd

De babbelklas

Sommige kleuters hebben het nog moeilijk met de Nederlandse taal. Hierdoor begrijpen ze bepaalde dingen uit het klas en schoolleven minder goed. Deze kleuters krijgen wekelijks in een klein groepje bij de babbeljuf de kans om functionele woordenschat bij te leren.

Schrijfdans

Elke klas krijgt van Liesbeth schrijfdans. De helft van de klas gaat in de turnzaal schrijfdansen, de andere helft blijft bij de klasleerkracht en geniet van een zorgmoment op maat. Via schrijfdans worden de kleuters op een speelse manier voorbereid op het latere schrijven.

Puzzelkast en spelotheek

Zowel voor de puzzels op school als voor de opvoedkundige spelen werden er systemen bedacht en uitgebouwd zodat deze functioneler gebruikt kunnen worden. Dit zowel door de klasleerkracht als door de zorgcoach:

  • binnen een aanbod van activiteiten en en/of thema’s
  • om een specifiek aanbod in verband met zorgbehoeften te kunnen geven

 Elke leeftijdsgroep heeft een eigen zorgcoach

De zorgcoach is een leerkracht die wekelijks meedraait in het klasleven. Dit kan zowel in de klas als buiten de klas zijn.
Deze werking is steeds vraag gestuurd door de klasleerkracht.

Dit kan vb. zijn:
In de klas meespelen , een vertrouwensband creëren, observeren , extra activiteiten geven ,op uitstap gaan, klasovername ,werken in kleine groepen, klasmateriaal maken, een activiteit begeleiden, … kortom de klasleerkracht ondersteunen waardoor ze samen aan de kleuters intensievere leerkansen kunnen bieden.

Als de klasleerkracht of de zorgcoach merkt dat de kleuter zich niet goed voelt en/of vastloopt in zijn ontwikkeling, dan wordt er een korte zorgactie opgestart voor die kleuter.

Mogelijke zorgacties :

  • extra spelaanbod
  • in een kleine groep een activiteit aanbieden of herhalen
  • extra taalactiviteit
  • een knipoog, een schouderklopje, een high five , een dikke duim…
  • een makkelijkere of moeilijkere opdrachten/activiteiten aanbieden.
  • ……

Deze acties worden opgevolgd door de klasleerkracht en de zorgcoach. Deze gebeuren geregeld doorheen het schooljaar en zijn normaal in de ontwikkeling van elk kind. Zo een zorgactie is vaak het kleine duwtje in de rug dat ze nodig hebben om verder te kunnen ontwikkelen. Wij vinden het dan ook niet nodig om ouders van een korte zorgactie met positieve evolutie op de hoogte te stellen.
In de zorgklas starten we op het niveau van het kind. Stapje voor stapje wordt het wat moeilijker. Er wordt heel hard gewerkt, maar we hebben ook veel leesplezier en genieten van al wat lukt want….. Het allerbelangrijkste is dat kinderen succes ervaren, dat ze voelen: “Hé, ik kan het!”. Zelfvertrouwen en motivatie groeien weer en leren lukt wat beter.

Was de zorgactie niet voldoende ?

  • Dan zoeken de klasleerkracht en de zorgcoach samen naar een intensievere zorgactie.
  • De ouders worden hiervan via een oudergesprek vooraf op de hoogte gebracht.
  • Er kunnen verdere stappen ondernomen worden .

Na toestemming van de ouders wordt er gecommuniceerd met bijvoorbeeld: het CLB (centrum voor leerlingen begeleiding) , het ondersteuningsteam,… en anderen. Het is belangrijk dat de klasleerkracht en de zorgcoach de evolutie van de kleuters en de zorgacties kunnen bespreken met deskundigen. Dit doen ze 3 keer per jaar op een MDO (=multidisciplinair overleg). Zo kunnen ze meer zicht krijgen op de zorg en eventuele verdere zorgacties bespreken.

Op een MDO zijn aanwezig :

  • de klasleerkracht
  • de zorgcoach
  • de directie
  • de psycho-pedagoog van het CLB:Sonja Van Deuren
  • eventueel begeleiding van het ondersteuningsteam

Ook van mogelijke interventies wordt u als ouder na het MDO op de hoogte gebracht!

Samen zorgbreed werken !

  • De ouders en de leerkracht: merken signalen van hun kleuter het snelst op.
  • De zorgcoach: begeleidt de klasleerkracht en de kleuters
  • De directeurs: bewaken de algemene zorg op school.
  • CLB – medewerker: Sonja Van Deuren, psycho – pedagoog van het CLB: zal ouders, leerkrachten en zorgcoördinator ondersteunen en begeleiden.

… Zo helpen we allemaal samen onze kleuters groeien !

… Zo ondersteunen we allemaal het groeiproces van alle kleuters !

Verticale doorstroming

Werken aan ZELFSTANDIGHEID BIJ KLEUTERS:

Hoe doen wij dat?

Door te werken aan:
ZELFREDZAAMHEID
Zijn de vaardigheden die nodig zijn om zelfstandig te kunnen instaan voor de persoonlijke verzorging: aan – en uitkleden, eten en drinken, zindelijkheid, neus snuiten, haar kammen, handen en gezicht wassen, tandenpoetsen, enz.

ZELFSTURING
Is het vermogen van de kinderen om zoveel mogelijk het verloop van hun leerproces in handen te kunnen nemen.
Ze geven hun handelingen leiding vanuit het “zelf”
Dit omvat:

  • De wil om zich in te zetten.
  • Een doel kiezen, kunnen bepalen wat hij/zij wil.
  • Een werkwijze, een handelingsschema kunnen oproepen of bedenken.

Concreet betekent dit:

Verwoorden wat je bij het kind opmerkt:

  • Een kind past bepaalde denkstappen soms spontaan toe. Als de leerkracht dat opmerkt, zal ze dat verwoorden.  Op die manier wordt de kleuter zich meer bewust van wat hij/zij doet.

Het kind zelf laten nadenken:

  • Een eindresultaat laten zien en vragen op welke manier dit gerealiseerd kan worden.
  • Als kinderen met een waaromvraag komen, de vraag terugstellen:
    • Vb: “Waarom denk jij dat ik dat doe?”

Technieken – en handelingen aanleren, inoefenen en verwerken:

  • Bij alle leeftijdsgroepen worden er technieken aangeleerd en ingeoefend, eigen aan hun leeftijd. We denken hierbij aan de volgende technieken: knippen, lijmen, pengreep, haken, ….

Het visualiseren:  

  • Het visualiseren van de plaats van het materiaal met foto’s, symbolen en pictogrammen
  • Het visualiseren van de speel- en werkhoeken.
  • Het visualiseren van de handelingen vb.:
    • Jassen aantrekken
    • Koeken eten
    • Toiletbezoek
  • Het visualiseren van verbod – en gebodstekens op de speelplaats.
    • Vb: De rode vlag geeft aan dat er niet in de zandbak mag gespeeld worden.

Praktijkvoorbeelden: (klik op het woord)